NGV logo

NEDERLANDSE GENEALOGISCHE VERENIGING

NGV Nieuwsbrief 2013 nummer 47

zaterdag 1 juni 2013

Grotere letters?  Lees online in uw webbrowser en gebruik de zoom-optie.

Geachte **1**,
in deze nieuwsbrief vindt u de volgende onderwerpen:

Nieuws van de redactie
Nieuws
Evenementen binnenkort
Recente prikbordberichten


Nieuws van de redactie

Oneerlijke armen

De kijk op armoede door de eeuwen heen
Door Marjolein Overmeer

Arm en rijk, het zijn relatieve begrippen. In de vroegmoderne tijd waren mensen arm als ze te weinig verdienden om in leven te blijven. Nu is de Nederlander arm als hij vanwege geldtekort sociaal geÔsoleerd raakt. De kijk op armoede is in het verleden al meerdere malen veranderd: een wandeling door het verleden.

Niet alleen de definities van armoede en rijkdom veranderen met de tijd, ook de manier van denken over arme mensen wisselt. Dit heeft zowel te maken met religieuze veranderingen als met schaalvergroting. In de middeleeuwen waren de steden klein en van de inwoners was dan ook precies bekend wie het af en toe of permanent moeilijk hadden. Deze armen, vaak weduwen, wezen, ouden van dagen of gehandicapten, verdienden te weinig om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien. Zij kregen hulp van familie en buren, geld en brood van de kerk en aalmoezen van voorbijgangers.

 
‘De kreupelen’ van Pieter Brueghel de Oudere, 1568. Wikicommons

Naar het vagevuur
In deze periode was armoede absoluut geen schande. Een arme was het evenbeeld van Jezus en door hem of haar te helpen kwam dat je eigen zielenheil ten goede. Het Rooms-Katholieke geloof schreef voor dat God aan het eind van ieders leven, tijdens het Laatste Oordeel, besloot hoe lang de zondaar in het vagevuur moest branden, voordat hij naar de hemel mocht. En dat je eerst naar het vagevuur moest was zeker.

Niemand, behalve heiligen, had zonder zonde geleefd. Je kon de onvermijdelijke tijd in de vlammen verkorten door goede werken te doen. De zeven daden van barmhartigheid, zoals ze beschreven stonden in de Bijbel, waren dan ook heel belangrijk voor de mensen: eten geven aan de hongerigen, drinken geven aan de dorstigen, het kleden van de naakten, onderdak bieden aan de reizigers, het bezoeken van de gevangenen, het verzorgen van de zieken en het begraven van de doden.

 
Personificatie van armoede (Pauperitas) uit 1549. Rijksmuseum Amsterdam

Memori-cultuur
Als tegenprestatie bad de ontvanger voor de gever, wat de zielenheil van de laatste dichterbij bracht. Hoe heiliger (denk aan nonnen en priesters) of hoe armer diegene was die voor je bad, hoe meer effect het gebed had. Dit principe van de memori- of herdenkingscultuur gold ook voor het privaat stichten van of geld nalaten aan instellingen, zoals hofjes voor de ouden van dagen. In de reglementen van deze instellingen stond precies hoe vaak de bewoners voor de overleden stichter moesten bidden. Dit kon variŽren van eenmaal per jaar tot dagelijks.

De memori-cultuur bleef ook nog bestaan na de komst van het protestantisme in de 16e eeuw. De Amsterdamse koopman Octavio Francisco Tensini bijvoorbeeld, liet 60.000 gulden na aan de katholieke armenparochie in 1675. Tegenwoordig zou dat een bedrag van ruim een halve ton zijn. De voorwaarde voor deze gulle gift was dan ook dat dagelijks en tot in de eeuwigheid een zielemis voor hem zou worden gelezen, wat ook tot ver in de 20ste eeuw gebeurde.

Een van de redenen dat de protestanten zich in de 16e eeuw afscheidden van het katholieke geloof was deze ‘sjacherrelatie’ tot God. In protestantse ogen was het ieders Christenplicht om voor de armen te zorgen. Met goede daden of erger nog, met aflaten, je zonden afkopen was volgens hen niet mogelijk.

De Calvinistische predestinatieleer gaat er namelijk van uit dat God voor de geboorte al bepaald heeft of iemand een ware Christen, een uitverkorene is. Het doen van goede werken heeft geen invloed op je zielenheil maar is eerder een resultaat van deze uitverkoren positie. Wanneer na de Alteratie in 1578 de gereformeerde kerk de officiŽle kerk wordt in de noordelijke Nederlanden en daarmee de meeste voorrechten verkrijgt, zal dat de kijk op de armen drastisch veranderen.

 
Titelblad van het Liber Vagatorum uit 1510. Wikicommons

De wereld verandert
Rond 1500 raakte Europa op drift vanwege de stijgende bevolkingsgroei en oorlogen. Een nieuwe groep armen bereikte de stad: rondtrekkende armen, bedelaars en landlopers, op zoek naar werk en aalmoezen. Omdat de armenzorg niet georganiseerd was en deze groep overal aanklopte, raakte de kas voor de armenzorg snel leeg.

Deze rondtrekkende groep werd, in vergelijking met de ‘eigen’ armen, gezien als oneerlijke armen. Ze waren gezond van lijf en leden en konden dus op zich wel werken, mits er werk te vinden was. Inwoners van de stad vonden deze bedelaars erg vervelend omdat ze niet te onderscheiden waren van de eerlijke armen. Een hoogtepunt van de angst voor bedelfraude was het Liber Vagatorum (het boek van de zwervers) uit 1510. Hier werden allerlei soorten van afzetterij door bedelaars uitvoerig beschreven. Van de stomme spelen tot aan het verstoppen van ledematen. Het resultaat was een verbod op bedelarij.

Wie honger heeft moet eten en zonder werk was de stap naar de misdaad klein. Onder de groep van oneerlijke armen vielen dan ook misdadigers en landlopers: iedere stad zag ze liever gaan dan komen. De nieuwe protestantse kerk pakte het een stuk professioneler aan: elke arme moest zich bij de diakenen, speciaal voor de armenzorg aangestelde bestuursleden, laten inschrijven. Daar kreeg hij of zij wekelijks een bijdrage.

De diakenen letten wel op de levenswandel: oneerlijke armen kwamen er niet in en als de bedeelde vaak in de kroeg te vinden was, werd hij gekort in zijn bijdrage. Maar ondanks dat de rondtrekkende armen buiten de boot vielen bij de instanties, werden ze niet geheel aan hun lot overgelaten. Wanneer iemand lag te creperen in de goot, werd hij naar het gasthuis gebracht. De kans dat je daar weer levend uit kwam was alleen niet zo groot.

 
Het Amsterdams tuchthuis waar de mannen hout moesten raspen. Wikicommons

Eind 16e eeuw openden de tuchthuizen hun deuren, met Amsterdam als koploper. Hier konden landlopers leren wat werken en discipline was, wat hen weer terug moest brengen op het rechte pad. De straffen waren in die tijd hard en een dief die voor de tweede keer werd opgepakt, eindigde aan de galg.

Dit wilden de stadsbesturen niet langer toepassen op jongeren. De opvoedende gedachte achter het Tuchthuis ging dan ook vooral op voor jonge mensen, waarvan men bang was dat ze letterlijk voor galg en rad zouden opgroeien. Ouderen die in het Tuchthuis terecht kwamen, werden gezien als goedkope arbeidskrachten. Te oud om nog te leren maar nu in ieder geval niet meer zwervend over de straten. Teveel bedelaars was namelijk niet goed voor de reputatie van de stad.

Eer staat op het spel
Reputatie en eer was niet alleen heel belangrijk voor de stad maar ook voor haar inwoners. Wanneer iemands reputatie geschonden was, bracht dat moeilijkheden met zich mee in het dagelijks leven: zo kon je bijvoorbeeld niet meer op de pof kopen en niemand wilde geld aan je lenen. Was een arme in de middeleeuwen nog het evenbeeld van Jezus, in de 17e eeuw was het beeld een stuk minder positief. De armen werden door een andere bril bekeken en gecontroleerd of ze echt wel zo arm waren als ze zeiden. Hierdoor kwam het schaamtegevoel om de hoek kijken. Zeker voor gerespecteerde burgers, die lid waren van een gilde en deelnamen aan de schutterij.

Wanneer burgers tot armoede vervielen vanwege tegenvallende inkomsten was dat meestal tijdelijk. Deze burgers stelden zo lang mogelijk de gang naar de armenzorg uit. Om hen tegemoet te komen, kregen deze ‘schaamtearmen’ ook wel hulp in het geheim. Ze hoefden dan niet met de rest van de armen in de rij te gaan staan voor een paar stuivers.

Dit ging echter niet op voor het gros van de armen: het schaamtegevoel werd door de dominerende protestantse kerk juist gebruikt om ervoor te zorgen dat armen alleen hulp vroegen als het echt noodzakelijk was. De schatting is dat in de 17e eeuw zo’n 25 procent van de lagere burgerij van kleine ambachtslieden minimaal eenmaal in zijn of haar leven met de armenzorg in aanraking kwam. Het scheelde alleen erg per stad hoeveel armen er onder de bevolking waren en ook hoe de bedeling was georganiseerd.

 
Uitdelen van brood en aalmoezen door armenmeesters.

Zo was in Amsterdam altijd wel werk te vinden waardoor de groep oncontroleerbare en rondtrekkende armen zich minder snel tot de armenzorg wendden. Die was hier dan ook voornamelijk per gezindte georganiseerd. De gereformeerde kerk zorgden voor haar lidmaten, de Lutherse kerk voor de Lutheranen, de Joodse gemeente voor de Joodse armen en de katholieke kerk, hoewel niet erkend, voor de katholieken.

Daarnaast stichtten steden ook instellingen die voor alle inwoners waren bedoeld, zoals het weeshuis. Hier werd wel het onderscheid gemaakt tussen kinderen van burgers en arme wezen. De laatsten hadden het een stuk slechter dan de eerste groep, die scholing kreeg, een vak leerde en beter voedsel en kleding ontving. In het armenweeshuis zaten ook kinderen waarvan de ouders nog leefden, maar die het levensonderhoud van hun kinderen niet konden betalen.

Wie betaalt?
De bekostiging van de zorg voor de armen was niet veranderd. Tijdens de middeleeuwen was de gewone man de grootste financier en dat bleef zo tot in de 20e eeuw. Kerken haalden geld op door middel van collectes en dat geld kwam in de kas voor de armenzorg terecht. Wanneer het stadsbestuur een charitatieve instelling wilde openen, werd dat ook voornamelijk door particulier geld betaald. De stad stelde een stuk grond ter beschikking en de inwoners betaalden de rest.

Om geld op te halen werden ook wedstrijden georganiseerd zoals een loterij voor het Oudemannenhuis in Haarlem (het gebouw herbergt nu het Frans Halsmuseum). Deze loten vonden in heel Holland grif aftrek. Een klein gedeelte van winst werd als prijzengeld gebruikt voor gouden en zilveren servieswerk en de rest van de opbrengst ging op aan de bouw van de instelling.

 
Een arme boerenfamilie ontvangt een nog armere bedelaarsvrouw en haar kinderen. Door Gesina ter Borch, 1660 – circa 1687. Rijksmuseum Amsterdam

Naast de kerkelijke collectes op de zondag, gingen in Amsterdam viermaal per jaar de gereformeerde collectanten langs de deur. Hun komst was aangekondigd en er moest dan ook iemand thuis zijn. Boven de deuren van lidmaten, de leden van de Gereformeerde Kerk, stond de letter L zodat de collectanten wisten waar ze moesten zijn. Ze klopten bij iedereen aan, van arm tot rijk. Dit is een mooi voorbeeld van de gedachte dat het de plicht van de samenleving was om voor de armen te zorgen en niet de plicht van de overheid. Iedereen droeg daar een steentje aan bij, ook al was je zelf arm. Deze gedachtegang over armenzorg zou pas in de 19e eeuw veranderen.

Na vette jaren komen magere jaren
De 18e eeuw was een eeuw van stijgende armoede door groeiende werkeloosheid. Op zich gaven de mensen niet minder geld aan de collecte maar er waren meer armen om van dat bedrag te onderhouden. De overheden riepen extra belastingen in het leven waarvan de opbrengst naar de armenzorg ging, maar ook dat bleek niet voldoende. Steden gingen zelfs directe subsidies uitdelen om de armoede aan te pakken maar het was dweilen met de kraan open. Van 1780 tot 1860 vond de grootste neerwaartse spiraal in de Nederlandse welvaart ooit plaats. (Napoleon Bonaparte heeft hier een steentje aan bijgedragen door het land leeg te roven tijdens zijn bewind.) Gevolg: het aantal armen bleef groeien zodat het systeem voor de armenzorg instortte.

De Gereformeerde kerk was haar bevoorrechte positie kwijtgeraakt na de oprichting van de Bataafse Republiek. De vraag was wie de groeiende groep armen moest gaan opvangen. De overheid was nog steeds niet hoofdverantwoordelijk voor dit probleem maar ze steunde wel particuliere initiatieven.

Zo begon oud-officier Johannes van den Bosch in 1818 de Maatschappij van Weldadigheid, een werkverschaffings- en opvoedingsproject in het ontoegankelijke Drenthe. Hier startte hij koloniŽn op om gezinnen te ondersteunen die tijdens de Franse Tijd tot armoede waren vervallen. Ze konden daar als boeren de grond bewerken en leren hoe het was om als een deugdelijk gezin te leven. Van den Bosch kreeg steun, zelfs van koning Willem I, maar ook veel kritiek, met name uit de conservatief-christelijke hoek. Armen en hulpbehoevenden zouden deel uitmaken van de samenleving, zodat rijken en welgestelden hun barmhartigheid konden betonen als teken van christelijke naastenliefde.

 
Kolonistenwoningen in de kolonie Willemsoord rond 1850. Wikicommons

De armen zelf zaten over het algemeen ook niet op deze vorm van armenzorg te wachten, hoe goed bedoeld ook. Zij zochten liever hulp bij familie, buren en de kerk. Om de projecten toch van arbeiders te voorzien moesten armenzorginstellingen, zoals weeshuizen, die (gedeeltelijk) door de stedelijke overheid werden betaald de mensen leveren. Uiteindelijk faalde dit particuliere initiatief en veranderden de opvoedkolonies in strafkampen voor criminelen.

Het ontstaan van de filantropie
De zorg voor de armen bleef in de 19e eeuw voornamelijk een taak van de kerken. Zij wilden dat zelf ook niet anders, bang om leden te verliezen als zij armenzorg van de overheid zouden ontvangen. Het liefst zou ze daarom alle macht over de armenzorg hebben en elke politieke bemoeienis afschaffen. Bij de invoering van de landelijke Armenwet in 1854 kregen de kerken grotendeels hun zin: het was nu wettelijk geregeld dat de meeste verantwoordelijkheid voor de armen bij de kerken lag. Wanneer er geen andere mogelijkheden meer waren voor de armen, mochten ze zich voor hulp bij de overheid melden.

De kerken konden de armoede alleen niet meer aan en verloren daarnaast langzaam aan invloed in de maatschappij door wetenschappelijke ideeŽn zoals de evolutietheorie. Er ontstonden initiatieven om de armoede aan te pakken zonder kerkelijke inslag. Het was nieuw dat de armen niet alleen meer bekeken werden door een Christelijke bril maar ook door een filantropische.

Deze nieuwe humanisten wilden de armen niet langer helpen vanwege de Christelijke plicht maar vanuit menslievendheid. Zij dachten na over oplossingen voor de problemen en werkten daarin samen. Een voorbeeld hiervan is de inschrijf-filantropie. GeÔnteresseerden konden zich inschrijven op een project en het zo gezamenlijk financieren. Bijvoorbeeld voor de aanleg van een park omdat gezonde, frisse lucht goed was voor arbeiders.

Nieuwe armen door grootschalige verpaupering
Na 1860 zet de industrialisatie in Nederland eindelijk door. Met deze ontwikkeling groeide het aantal verpauperde arbeiders, waaronder kinderen, en de sloppenwijken. Deze ontwikkelingen zorgden voor nieuwe reacties op armoede. De liberalen wilden af van de beperkingen die de economie teveel regelden: een vrije markt zou de economie ten goede komen en vervolgens het probleem van de armoede oplossen. Dit bleek niet te werken. De rijken verrijkten zichzelf en met name de rijke industriŽlen hadden belang bij werknemers die niet teveel eisen konden stellen.

 
Kinderarbeid.

In de steden woonden de arme families in de stinkende sloppen vol ongedierte. De open riolen veroorzaakten regelmatige uitbraken van cholera-epidemieŽn. De rijken kwamen niet in deze achterafbuurten en wisten niet veelal hoe erg het was. De meesten hadden daar ook geen behoefte aan. Armoede was nu eenmaal een onderdeel van het leven en de armen moesten hun plek kennen en verder hun mond houden.

Werkgevers die zich wel iets aantrokken van de armoedige omstandigheden van hun arbeiders, deden dat meestal uit praktische overwegingen. Bedrijven zoals Philips en Stork ‘Nederlandsche Fabriek van Werktuigen en spoorwegmaterieel’ bouwden voor hun personeel huizen met lage huren in de buurt van de fabriek. Betere huisvesting hield de arbeiders gezond en daarnaast konden ze in de gaten worden gehouden.

Armoede moest dus in zekere maten beteugeld worden maar vooral om de economie draaiende te houden. Dit was tegen het zere been van de Socialisten. Zij wilden geen liefdadigheid of paternalistische werkgevers maar banen voor de arbeiders. Zij kregen aan het eind van de 19e eeuw steeds meer aanhangers. Zij hadden ook kritiek op de religieuze armenzorg vanwege de betutteling van de armen.

 
Jordaan rond 1900. In de krotten bewoonde elk gezin slechts ťťn kamer waar vaak ook nog de handel, bijvoorbeeld in afval, lag opgeslagen.

Nieuwe eeuw, nieuwe rechten
Met de opkomst van de fotografie verspreidden zich foto’s van de ellendige leefomstandigheden in de stad en in de Drentse plaggenhutten. Dit zorgde voor veel verontwaardiging onder de gegoede burgerij. De plaatselijke overheden voelden de opgevoerde druk en zij namen stappen om de misstanden onder de armste laag van de bevolking tegen te gaan. Om de sloppenwijken terug te dringen lieten ze bijvoorbeeld sociale woningen bouwen en riolering aanleggen.

Deze ontwikkelingen zorgden langzaam voor een nieuwe gedachtegang over de armen. Ze werden niet langer gezien als een soort kinderen die niet voor zichzelf konden zorgen en opvoeding nodig hadden. De politieke partijen hadden na de invoering van het Algemene Kiesrecht in 1917 een grote groep nieuwe kiezers om rekening mee te houden.

De christelijke, socialistische en liberale partijen tuigden gezamenlijk de verzorgingsstaat op: de Noodwet Ouderdomsvoorziening (1947, opgevolgd door de AOW), de Algemene Weduwen- en Wezenwet (1961) en de Algemene Bijstandswet (1965). Hiermee had de overheid de zorgtaken, als een nieuwe vader, overgenomen. Met een groot verschil: armenzorg was niet langer iets om dankbaar voor te zijn, het was een recht geworden.
Bron: www.kennislink.nl



Wat korte berichten

Digitaal register Ons Amsterdam 1949-2012

Veel beter dan wij dat zelf konden heeft inmiddels Aaldrik Zaaiman van de Cultuur-Historische Vereniging Amsterdam onze afzonderlijke Word-bestanden van de registers op alle jaargangen van Ons Amsterdam weten samen te voegen in een makkelijk hanteerbaar digitaal zoekinstrument! Zoeken kan HIER.

Historische collecties op Wikipedia

DEN HAAG. Duizenden historische foto's, afbeeldingen en documenten uit de Koninklijke Bibliotheek (KB) en het Nationaal Archief (NA) zijn vanaf september beschikbaar op Wikipedia. Dat maakten de twee instellingen kort geleden bekend. Hiermee hopen de KB en het NA dat ook in het buitenland mensen beter bij het materiaal kunnen.

Het gaat vooral om materiaal dat afkomstig is uit de middeleeuwen, omdat hier geen auteursrecht op geldt. Daarnaast biedt het NA ook 18e-eeuwse overheidsdocumenten en persfoto's die vanaf 1950 gemaakt zijn aan. De twee instellingen werken samen met Wikimedia Nederland, de vereniging van vrijwilligers die artikelen op de internetencyclopedie aanmaken.
Op de websites van de instellingen staan delen van de collecties al jaren online, maar volgens de KB is dat nog maar het topje van de ijsberg. „Van ons hele archief is nog maar 10 procent gedigitaliseerd. Mensen denken misschien dat alles over de Nederlandse geschiedenis op internet staat, maar dat is niet zo”, zei een woordvoerder.
Bovendien zullen ook mensen buiten Nederland sneller bij de historische stukken komen. „Wikipedia is natuurlijk een internationaal begrip. Gebruikers over de hele wereld kunnen straks makkelijker iets over het historische Nederland opzoeken dan nu het geval is”, benadrukt een NA-zegsman.
Bron: de telegraaf

De oude Nederlandse maten en gewichten

Deze databank van het Meertens instituut is gebaseerd op het boek De oude Nederlandse maten en gewichten van J.M. Verhoeff uit 1982 en bevat historische metrologische gegevens van vůůr 1820. Het is de webversie van een databank die is samengesteld door Ritzo Holtman, redacteur van het door de Gewichten en Maten Verzamelaars Vereniging uitgegeven tijdschrift Meten & Wegen.
Per plaats vindt u informatie over de maten en gewichten, zeker een bezoek waard, kijkt u HIER maar eens.


Weet u

Een 'Tijdingkramer' was iemand die pamfletten verkocht.

Een 'Pasteerder' was iemand die een dunne laag bitumen en gemalen schelpen of steenslag op muren aanbracht om deze vochtdicht te maken.




Wilt u zelf eens een stukje tekst plaatsen in de nieuwsbrief over iets wat het weten waard is voor andere lezers.
Stuur dan uw tekst naar pr_service@ngv.nl





De webredactie.

  terug naar top

Nieuws

Column nr. 34

(31 mei)

Ik denk niet dat er veel mensen zijn van wie de voorouders niets met kerken te maken hadden. Denk aan doop-, trouw-, lidmaten-, begraafboeken en kerkenraadshandelingen. Misschien was uw voorvader zelfs predikant. Omdat de kerkgang tegenwoordig wat terugloopt, wordt er voor de overbodig geworden gebouwen een andere bestemming gezocht zoals ateliers, woningen (o.a. In Utrecht, Moerdijk, Haarlo, Vlaardingene en Haarlem), werkplaatsen (bijv. een glazenier in Tilburg), culturele centra (kerk Sittard, Hoorn en Alkmaar), winkels (een boekhandel in Maastricht) en archieven (Regionaal Historisch Centrum te Maastricht). Ik vond op internet zelfs een kerkenmakelaar.
Ruim 240 van de bijna 800 kerken in Frysl‚n zijn niet meer in beheer van de kerkelijke gemeente. Over de herbestemming van een deel (140 kerken) is een (prachtig) rapport geschreven. Het is alfabetisch ingedeeld en als (gratis) pdf te downloaden op fryslan.nl/hergebruikkerken.
U vindt Lees verder..
 

1 juni 2013: Presentatie nieuwe organisatie Erfgoed Leiden en Omstreken

(29 mei) Met een open dag op zaterdag 1 juni 2013 presenteert de nieuwe erfgoedorganisatie Erfgoed Leiden en Omstreken zich aan alle inwoners van Leiden en omliggende gemeenten. Dit regionale kennis- en adviescentrum komt voort uit het Regionaal Archief Leiden en Monumenten & Archeologie. De open dag is van 10 tot 16 uur in het pand Aalmarkt 11, een van de oudste locaties in Leiden.
Lees verder via de : link

 Lees verder..
 

Excursie van leden van de NGV-afd.Land van Cuijk en Ravenstein naar Kleef zeer geslaagd

(29 mei)

Lees verder via de : link Lees verder..
 

Tweede Koloniedag in Frederiksoord succesvol.

(27 mei) Zondag 26 mei 2013 is de 2e Koloniedag in Frederiksoord (gem. Westerveld) succesvol verlopen.
-Wil Schackmann uit Groningen en auteur van 'de Proefkolonie' presenteerde zijn nieuwste boek over Ommerschans.



-Tijs Rinsema rondde zijn onderzoek over de bewoningsgeschiedenis van de vrije koloniŽn 1818-1928 af. Het resultaat werd via een touch-screen geopend en is nu via internet toegankelijk (www.drentsarchief.nl).link

Hierdoor is het mogelijk te achterhalen in welk koloniehuisje van de Frederiksoord, Wilhelminaoord en Willemsoord een bepaalde persoon of een kolonistengezin geplaatst is.

Een mooi resultaat van een langdurige samenwerking tussen o.a. Rinsema, de vrijwilligers van de Koloniehof en het Drents Archief.

Leo van der Linden - Zoetermeer Lees verder..
 

Geslaagde excursie van leden van de NGV-afd.Land van Cuijk en Ravenstein naar Kleef

(25 mei) Een actieve afdeling van de Nederlandse Genealogische Vereniging op de grens van Oost-Brabant en Noord-Limburg. Opgericht 11 december 1978.



Geslaagd, slechts ťťn woord is nodig om de excursie gisteren (vrijdag 24 mei 2013) naar Mosaik in Kleef te omschrijven. Lees verder..
 

Foto zoekt familie!
(335 fotoalbums uit voormalig Nederlands-IndiŽ)

(23 mei) 'Het Tropenmuseum' en 'Kit Information & Library Services' zoeken met de digitale actie ‘Foto zoekt familie’ de rechtmatige eigenaren van 335 fotoalbums uit voormalig Nederlands-IndiŽ. In de
gewelddadig periode 1945–1949 moesten vele duizenden Indische Nederlanders hun land halsoverkop verlaten, vaak met achterlating van al hun spullen, ook fotoalbums.
Via het 'Rode Kruis' kwamen de albums in het Tropenmuseum in Amsterdam terecht. Sindsdien wachten 335 albums tevergeefs op hun rechtmatige eigenaren.
Met een website www.fotozoektfamilie.nl en een app zetten het Tropenmuseum en KIT Information and Library Services zich in om de eigenaren alsnog terug te vinden.

Waar anders dan op de 'Tong Tong Fair' bestaat de kans dat fotoboeken met familie worden herenigd? Lees verder..
 

NCRV-gids noemt 'Kenniscentrum' op NGV-site voor goede suggesties computerprogramma's

(21 mei) De NCRV-gids besteedt deze week op blz.29 in de rubriek -"TV UIT" bewust genieten - aandacht aan STAMBOOMONDERZOEK. Het artikel gaat in op het puzzelwerk bijv. door de diverse schrijfwijzen van familienamen, maar besteedt ook aandacht aan de computerprogramma's die de onderzoeker behulpzaam zijn bij het ordenen van de gegevens en het schematisch weergeven daarvan, inclusief bijbehorende foto's.
Erg leuk is dat het artikel onze NGV-website vermeldt en met name de rubriek KENNISCENTRUM waar men suggesties voor goede genealogische computerprogramma's vindt. Lees verder..
 

Van de voorzitter ...

(21 mei) 15-5 Brainstorm Bestuurders in goede ambiance succesvol verlopen en voor herhaling vatbaar! Lees verder..
 

Verslag ledenvergadering NGV-KPL 9 april 2013 in 't Trefpunt te Eindhoven

(17 mei)  Lees verder..
 

Nieuwe Gens Nostra

(15 mei) Het meinummer van Gens Nostra verschijnt deze week. Lees verder..
 

Twente Genealogisch jaargang 1985 -2010

(14 mei) De jaargangen 1985 t/m 2010 van het afdelingsblad Twente Genealogisch zijn ingescand en op de website van de NGV-afdeling Twente ( link ) geplaatst. Ook is er een index op persoonsnamen beschikbaar. Lees verder..
 

Studiezaal Gelders Archief vanaf 18 juni weer open

(13 mei) De studiezaal van het Gelders Archief gaat op dinsdag 18 juni 2013 weer
open voor het publiek. De studiezaal is ruim tweeŽneenhalve maand gesloten
geweest in verband met een omvangrijke verhuizing naar de Arnhemse
Westervoortsedijk.

Voorafgaande aan de heropening zal het Gelders Archief van maandag 3 juni
tot en met vrijdag 7 juni niet bereikbaar zijn per e-mail, omdat de
computerservers worden verhuisd. Lees verder..
 

Van de voorzitter ... brainstorm werkgroepen

(07 mei) Uitkomst Brainstorm Werkgroepen, een zeer leerzame middag met heldere afspraken Lees verder..
 

Uitbreiding digitalisering gemeentearchief Veenendaal

(01 mei) Sinds vrijdag 26 april heeft de website van het Gemeentearchief Veenendaal (gemeentearchief.veenendaal.nl) een nieuw gezicht. De vormgeving sluit veel meer aan dan voorheen bij die van de algemene site van de gemeente. Maar ook voor de inhoud zijn er allerlei plannen. Lees verder..
 
Meer nieuws vindt u in het Nieuwsarchief. terug naar top

Evenementen binnenkort

zo 02 jun Veldhoven Zijn de inwoners van Zeelst echt zo bijzonder als wordt beweerd?
di 04 jun SCHINVELD Bijeenkomst GensDataPro
wo 05 jun Grave Genealogisch spreekuur
za 08 jun Weesp "GensDataPro Serviceteam" aanwezig in het Verenigingscentrum
za 08 jun Leiden Contactochtend, op zoek naar voorouders
di 11 jun Eersel Lezing 'De Paradox van het familiebedrijf' door Piet van Asseldonk
vr 14 jun Tiel Genealogisch Cafť
za 15 jun Haarlem Hulp bij Stamboomonderzoek (nieuw!)
ma 24 jun Haarlem Historisch Cafť 'Vrouwen uit de Haarlemse geschiedenis'

 
Voor meer evenementen, raadpleeg  Agenda alle evenementen. terug naar top

Recente prikbordberichten

31 mei Familie Kindt
28 mei Kocken x Kocken
26 mei Oude Burgerlijke Stand Amsterdam. Dat moet lukken.
26 mei Trijntje Willems Wit
23 mei Adriana Vos, datum en plaats van overlijden
21 mei Martinus van der Vlekkert
21 mei Oudkarspel -Dorpstraat- woon-en winkelgedeelte 1908
20 mei Scheepsramp vraag
19 mei Helena Henricus van den Bichelaer
17 mei Utrecht Duijm - v.d. Wal
16 mei Waar verbleef Theodora Elisabeth Duijm voor haar huwelijk in A'dam in 1872?
16 mei De heer J. Keizer uit Broek op Langedijk
16 mei Arnhem Lambertus Rangť
16 mei Is Adolf Jansz Gutter, overleden 17 mei 1789, een Noord-Hollander?
16 mei Is Adolf Jansz Gutter, overleden 17 mei 1789, een Noord-Hollander?
15 mei Wageningen adres van Martina Aletta Frederica Duijm
15 mei Wageningen -bevolkingsregister 1853-1860 Hendrik Duijm
15 mei varende voorouders
15 mei van Beers
15 mei Weijters (Wijtters),Joannes Vrijs
15 mei Nijmegen: Jurriana Elisabeth Duijm en Jacobus Aloisius Jansen
13 mei Stamboom Commelin/Lescaille
10 mei Trouw en geboorte akten uit Duitsland
10 mei Hulp gevraagd bij onderzoek Thijsse, Delft
09 mei Joost Hendrick List (? - < 1784)
09 mei Doop/geboorte van Elisabeth Duijm en Anthony Gerrits Scheepen
09 mei Doop Aleida Clean(t)s uit Urmont
09 mei (Z)Seb(a)edeus Duijm en Pieter Duijm
09 mei Hendrika Jurriana Duijm
08 mei Genealogisch erfgoed magazine 2013 nr 2
06 mei Arnhem: Ulrich-Duijm
05 mei Genealogisch onderzoek naar bemanning onderzeeboot O13
02 mei Willem Cleassen "de jonge"Hertogh van Deventer (den Hartog)
02 mei Reunion
02 mei Daniel Lescaille en Marie Comelijn (Commelin) te Amsterdam
01 mei Interview in Goslarsche Zeitung Duitsland

 
Voor een overzicht van alle prikbordmeldingen, zie het  Prikbord. terug naar top

U krijgt deze NGV nieuwsbrief toegezonden omdat u in uw NGV profiel heeft aangegeven dat u de nieuwsbrief wilt ontvangen.
U kunt zich aan- of afmelden voor deze nieuwsbrief door op de NGV website www.ngv.nl via de rechterkolom eerst in te loggen, dan te klikken op “mijn profiel” en in het tweede blok via “gegevens aanpassen” het vinkje weg te halen bij “wilt u de ngv-nieuwsbrief ontvangen?”.

©2013 NGV
De Nederlandse Genealogische Vereniging (NGV) is een niet-gesubsidieerde vereniging waarin al het bestuurlijk en organisatorisch werk wordt uitgevoerd door vrijwilligers. Ingeschreven in het register van de Kamer van Koophandel te Amsterdam onder no. 40531257