|
Introductie - DNA links - Project - Zoeken in Y-DNA database - Toon gebruikers in Y-DNA database - F.A.Q. Genetische Genealogie
De Genetische Genealogie webpagina's zijn ontwikkeld als deel van het
project Genetische Genealogie,
dat is gestart in 2007. U vindt hier informatie over genetische genealogie, ook wel als DNA onderzoek aangeduid,
en het project. Daarnaast kunnen Y-DNA testresultaten worden opgeslagen in een doorzoekbare Y-DNA database.
Y-DNA database op de NGV website
Het gebruik van de Y-DNA database staat open voor alle geregistreerde gebruikers van de NGV website.
Dit geldt uiteraard voor NGV leden, maar ook niet NGV-leden kunnen zich als Gast laten
registreren.
Voor uitleg hoe uw Y-DNA testresultaten toe te voegen aan uw profiel en andere veel gevraagde vragen, klik op
F.A.Q.
Momenteel hebben 114 gebruikers hun DNA testresultaten
in de Y-DNA database opgeslagen.
Wat is Genetische genealogie?
Genetische genealogie gebruikt verschillen in het DNA om herkomst en verwantschap vast te stellen.
Daarbij zijn 3 mogelijkheden te onderscheiden.
Voor het meeste DNA (autosomaal DNA) geldt, dat verwantschap en herkomst vastgesteld kan worden, maar
niet de afstammingslijn. Je weet dan dus niet via welke ouder deze kenmerken verkregen zijn en langs welke
lijnen je met anderen verwant bent.
Dit is wel het geval met mtDNA (mitochondriaal DNA) en Y-chromosomaal DNA.
MtDNA erven mensen van hun moeder; Y-chromosomaal DNA vererft van vader op zoon. In beide gevallen
worden op grond van overeenkomsten en verschillen in het DNA mensen in groepen verdeeld. Omdat dit DNA via
een enkele afstammingslijn doorgegeven wordt, noemen we dit haplogroepen (enkel = haplos). Aan het begin van
elke haplogroep staat een gemeenschappelijke voorouder (een Most Recent Common Ancestor of MRCA). De tijd,
waarin deze leefde kan benaderingswijs berekend worden. De MRCA van alle groepen tesamen wordt bij mtDNA ‘Eva’
genoemd en bij Y-chromosomaal DNA ‘Adam’.
Van elk mens kan dus de mitochondriale haplogroep worden bepaald. De Y-chromosomale haplogroep kan alleen
bepaald worden bij mannen.
|
|
|
In de kernen van alle miljarden cellen van het lichaam bevindt zich een dubbele set DNA verpakt in 23
chromosomenparen. De oorspronkelijke set is ontstaan bij de bevruchting. Een set van 23 chromosomen is
afkomstig van de moeder; de andere set van 23 is afkomstig van de vader. Als een van de 23 chromosomen
van de vader een Y-chromosoom is (en geen X-chromosoom) zal het embryo zich als mannelijk ontwikkelen.
Daarnaast zitten er in de eicel buiten de kern mitochondriën, elk met een aantal copieën mtDNA. Elke keer
als een cel zich in 2-en deelt, wordt het DNA uiterst nauwkeurig gecopiëerd. Hierdoor zal het DNA van alle
cellen aan elkaar gelijk zijn. Toch komen er foutjes (mutaties) voor. De meeste daarvan zullen niet bij het
nageslacht terecht komen. Voor zover dat wel gebeurt, kunnen zij het begin vormen van een nieuwe aantoonbare
afstammingslijn. De kans, dat een bepaalde mutatie ontstaat (mutatiefrequentie) is hierbij van belang. Veel
voorkomende mutaties zijn niet bruikbaar omdat een overeenkomst dan eerder op toeval zal berusten, dan op
verwantschap. Echt zeldzame mutaties kunnen ons ver terug brengen in de tijd naar de periode van de ‘Deep
Ancestry’. Dit is het geval met de SNPs (snips).
DNA is opgebouwd uit nucleotiden. Hiervan zijn er 4 verschillende. Deze worden aangeduid met de letters
A, C, G en T. Een set DNA wordt het genoom genoemd. Het menselijk genoom heeft 3 miljard nucleotiden. Je kunt
dit vergelijken met de afstand Stockholm-Gibraltar met op elke mm een A, C, G of T. In deze vergelijking is
het Y-chromosoom 60 km lang en het mitochondriaal chromosoom slechts 35 m. Het meeste DNA (99,9%) is bij
mensen gelijk en dus ongeschikt voor vergelijking.
Bij een SNP (Single Nucleotide Polymorphisms) is één letter vervangen door een andere. Deze mutaties veranderen
langzaam en worden gebruikt bij het bepalen van de haplogroep. De MRCA (gemeenschappelijke voorvader) leefde
duizenden tot tienduizenden jaren geleden.
|
STRs (Short Tandem Repeats) zijn herhalingen van een reeks nucleotiden bv CTAG. Het aantal herhalingen kan
verschillen. De veranderingen in het aantal herhalingen (mutaties) komen vaker voor en gaan honderden tot
duizenden jaren terug. Zij zijn geschikt om verwantschappen dichter bij vast te stellen. De reeks getallen,
die horen bij een aantal bepaalde STRs noemen we het haplotype.
|
|
Hapolotype voor 16 STRs
| DYS19 | 14 |
| DYS389I | 13 |
| DYS389II | 29 |
| DYS390 | 23 |
| DYS391 | 11 |
| DYS392 | 13 |
| DYS393 | 13 |
| DYS385 | 11,14 |
| DYS438 | 12 |
| DYS439 | 12 |
| DYS437 | 14 |
| DYS448 | 19 |
| DYS456 | 16 |
| DYS458 | 17 |
| DYS635 | 23 |
| GATA_H4 | 12 |
|
Bijgewerkt: 12 oktober 2009
|
|